Deze website houdt statistieken van uw bezoek bij. Wij gebruiken hiervoor Google Analytics, maar zonder persoonlijke gegevens door te geven. Geef hier uw keuze aan:
Toestaan Eén keer toestaan Blokkeren

Honig Breethuis | Zaandijk

Jaap Stellaart (1920-1992): werk op papier

Het Honig Breethuis exposeert van eind november 2020 t/m eind januari 2021 tien werken op papier van de Zaanse beeldend kunstenaar Jaap Stellaart, die dit jaar honderd zou zijn geworden. Deze keuze geeft een representatief beeld van de artistieke ontwikkeling en technische diversiteit binnen zijn oeuvre.

Omschrijving

Het Honig Breethuis exposeert in de maanden december 2020 en januari 2021 tien werken op papier van de Zaanse beeldend kunstenaar Jaap Stellaart, die dit jaar honderd zou zijn geworden. Deze keuze geeft een representatief beeld van de artistieke ontwikkeling en technische diversiteit binnen zijn oeuvre. Zo is er een vroeg landschap in krijt uit 1943 te zien, werken uit de jaren vijftig, waaronder schilderingen met verwantschap met het werk van Paul Klee en leden van Cobra, alsmede werken uit de jaren zestig en zeventig. De geëxposeerde stukken maken deel uit van de collectie van Jan de Bruin, oud-directeur van het Kunstcentrum en oud-bestuurslid van het Honig Breethuis, alsmede initiatiefnemer van een zevental exposities van werk van deze kunstenaar, waaronder in De Fabriek en Cultureel Centrum Bullekerk. Deze tentoonstelling vormt de laatste in de reeks naar aanleiding van de honderdste verjaardag van de veelzijdige kunstenaar.

Tekentalent

De kunstenaar ontdekte zijn tekentalent op elfjarige leeftijd. Na zijn schooltijd werkte hij op een kantoor en bleef 'voor de lol' tekenen. Daarnaast drumde hij in jazzbands en was hij hardrijder op de schaats. Hij was overal goed in. Tijdens de oorlog besloot Stellaart definitief kunstenaar te worden. Stellaart kreeg les van Gerrit Jan de Geus, een plaatselijke kunstenaar die werkte in de modernistische trant van Sluyters en Van Dongen. Hij leerde vooral de techniek, voor het overige vormde hij zichzelf. In 1939 leerde hij Aart Roos kennen. Ze waren onafscheidelijk. Stellaart begon zijn zoektocht naar een eigen stijl en raakte weg van het naturalisme en herkende bij Paul Klee het plezier van de associatie. In 1943 doken Stellaart en Roos onder. Vlak na de oorlog leerde Stellaart zijn vrouw Nanny kennen.

Eigen stijl

Stellaart ontwikkelde zich vlak na 1945 tot een abstract werkend schilder en tekenaar. Hij exposeerde in de Zaanstreek en werd opgemerkt. In 1946 ontstonden abstracte werken. In 1948 deed Stellaart mee aan de tentoonstelling 'Amsterdamse schilders van nu' in het Stedelijk Museum in Amsterdam, verkocht de drie inzendingen en raakte in de ban van Karel Appel. Zijn introverte aard volgend, bleef hij in de Zaanstreek. Hij wilde ontsnappen aan de invloed van Klee en Appel en in alle rust aan zijn kunsttaal werken. Hij werkte intuïtief aan schilderijen die geen onderwerp nodig hadden om betekenis te hebben. Stellaart ontwikkelde een eigen experimentele stijl, die niet in goede aarde viel bij pers en publiek.
Hij wilde iedereen bereiken met zijn kunst, maar deinsde terug voor de grote kunstwereld met haar tentoonstellingen, openingen, verplichtingen en prestatiedruk. Zijn gevoelige natuur raakte op drift door geestelijke crises. Een paar keer werd hij opgenomen in een inrichting omdat de spanning tussen de behoefte zich te uiten en de noodzaak zich af te zonderen hem te veel werd. Later streefde hij er naar 'niets te moeten', maar zijn kunst bleef opzien baren. Meerdere keren in zijn leven wees hij de weg naar het succes af, ten gunste van een leven in de marge.

Creatie

In de jaren vijftig vond de kunstenaar aansluiting bij de groep Creatie en deed mee aan exposities in binnen- en buitenland. Hij exposeerde met onder andere Karel Appel, Armando, Willy Boers, Eugene Brands, Corneille, Wim Crouwel en Anton Rooskens. De verwantschap met het gedachtegoed van Cobra komt tot uiting in de volgende uitspraak uit 1954: `Een schilderij is nooit en zal nooit een afbeelding zijn. Het is nooit een tomaat of een ruggengraat, een stalen mast, een wolkenkrabber of een zichtbare vader en moeder met een lamp boven tafel. Het is altijd een schreeuw, een stilte, een kilte, een huivering, een ontmoeting, kortom een gesteltenis, een toestand.’
Tot zijn dood in 1992 leefde Stellaart teruggetrokken in Haaldersbroek. Regelmatig exposeerde hij in galerie Bramkha, gelegen op een steenworp van zijn huis.

Publicatie

Het boek Jaap Stellaart (1920-1992): De blinde ziener in een oceaan van licht door Henk Heijnen en Jan de Bruin is bij de expositie te koop.

Bezichtigen

De expositie in het Honig Breethuis is te bezichtigen op zondagmiddagen tussen 12.00 en 16.00 uur. Om u een veilig en aangenaam bezoek te kunnen bieden, dient u vooraf te reserveren.

Overige afbeeldingen:
Jan de Bruin, collectioneur en initiatiefnemer van de expositie, poserend naast het werk De aardappeleter van Jaap Stellaart. Fotografie Floor Meijboom.
Omslag boek Jaap Stellaart (1920-1992): De blinde ziener in een oceaan van licht.